Het stadje Osor ligt nog net op het eiland Cres op de plek waar een gammele draaibrug je naar buureiland Losinj brengt. Er wonen volgens de laatste opgave van de gemeente 70 mensen en dat moeten er in de hoogtijdagen misschien wel zo'n 20 duizend geweest zijn.
Osor ontwikkelde zich in de Romeinse tijd tot een overslaghaven tussen de Dalmatische kust en de Italiaanse havens. De stad werd bisschopszetel in 530. De eerste bisschopskerk staat nog letterlijk op het Romeinse kerkhof. 'Maria op het Kerkhof' heet-ie in Osor. De nieuwe Maria-kathedraal werd 'pas' in de vijftiende eeuw gebouwd.
Ik lees voor de zoveelste keer 'Kleine ewige stadt Osor' van Ana Deanovic. We lopen voor de zoveelste keer over de landweggetjes rond het stadje. Hier is elke rots een stapel stenen, elke kuil een kelder en elke platte steen een grafzerk. Meer dan tweeduizend jaar geschiedenis voor het oprapen: Romeinse villa's en stadsmuren, Venetiaanse pakhuizen en kades, vergeten kerken en kloosters.
We staan voor de Petruskerk van het Benedictijnenklooster. Althans wat ervan over is. Het zonlicht boende de muren wit. Bomen en struiken vulden de binnenruimte. Klimop puilt aan alle kanten het gebouw uit. Een enorme bloembak op het kerkhof van een eeuwige stad. (juni 2002)
plaatselijk belang
LESBOS (Griekenland) Zaterdagmorgen in Mandamádos
Het is zaterdagmorgen in Mandamádos, het grootste dorp in het noordoosten van Lesbos. Vanaf het terrasje van de taverna naast de kerk zien we het dorpsleven zijn rustige gangetje gaan. Een grote vrachtauto komt een paar dozen bezorgen bij de ijzerwarenwinkel. Een boer zet een emmer verf in de bak van zijn aftandse pick-up.
EL HIERRO (Canarische Eilanden) De maagd van El Hierro
Het wandelgidsje noemt La Bajada de la Virgen een pittige wandeling van 28 kilometer lengte van het zuidwesten naar het noordoosten van El Hierro. Voor de Herrenos - de inwoners van het eiland - is de tocht niets meer of minder dan een soort ijkpunt in hun eilander bestaan. De jaartelling is in Bajadas. Eén jaar voor de Bajada… Nee, het moet het jaar na de Bajada zijn geweest.
Van Dale zegt: ‘Historiseren is iets tot iets historisch maken’. De meeste architecten hebben een ontzettende hekel aan ‘historiserend bouwen’. In hun ogen betekent het namelijk dat je kiest voor vormen die je eigen creativiteit ondergeschikt maken aan de oplossingen van vroeger.
Het is half acht ’s avonds en de zon schijnt in Salamanca nog zo fel dat de helft van Plaza Mayor zo oogverblindend licht is dat je aan de overkant van het plein nauwelijks iets kunt onderscheiden. We schuiven aan op Plaza Mayor en voor de zoveelste keer zien we een paar uur lang Salamanca langskomen.
Waarom lees je nooit over Sevilla in de winter? Als de zon de stad niet opstookt tot het kookpunt. Vandaag is het Eerste Kerstdag en blijft de thermometer bij achttien aangename graden steken.Het is winter, maar Sevilla weigert erin te geloven. Des te meer in kerst.
De weg voorbij Mylopotamos is lang en bochtig. Eerlijk gezegd hebben we geen idee waar we terecht zullen komen. Het bordje belooft ons Limnionas, maar op de kaart eindigt het rode kronkelslangetje abrupt aan een lege kust. Een bord aan het begin van de weg informeert ons hoeveel euro's de EU in deze onderneming gestoken heeft.
Op het tweede pleintje van Pelekas wijst een bordje omhoog naar Paratiritirio tou Kaiser, ofwel de Keizerstroon. De Duitse keizer Wilhelm II bracht in de jaren voor de Eerste Wereldoorlog zijn vakanties door op het paleisje Achilleion bij Kerkyra. Regelmatig liet hij zich naar de heuveltop boven Pelekas vervoeren om de zon langs de heuvelrand in de Ionische Zee te zien zakken.
COSTA VERDE (Sardinië) Een huis aan zee voor de kinderen
De weg langs de Costa Verde in het zuidwesten van Sardinië brengt ons van de ene verrassing naar de andere. Doni kwam vroeger nooit aan deze verlaten kust, vertelt hij. Dit was het land van de mijnwerkers en de klassenstrijd. Niet het Sardinië van de boeren en herders dat hij als zijn broekzak kent.
In de schaduw op het terras van de taverne. Een bergdorp tegen de helling van de Bournias in het zuiden van Samos. Na lang aarzelen komt de mevrouw van de taverne op ons af. Ze spreekt geen Engels. Wij geen Grieks. De waardin kijkt hulpeloos naar het groepje mannen aan het andere tafeltje. De jongste van hen springt op. We krijgen een hand. ‘Hello, I’m the president’, zegt hij lachend.
LA GOMERA (Canarische Eilanden) Naar de offerberg van de Guanchen
Het was een buitengewoon vermoeiende wandeling door een door de regens geteisterd spoor naar de Garajonay, met 1487 meter het hoogste punt van het eiland La Gomera. Het handzame wandelgidsje had ons een ontspannen tocht beloofd, maar het zal wel aan ons en onze conditie gelegen hebben, vrees ik…
Als je je bij zomerdag ’s morgens om half acht in de Eemshaven op de Ost-Friesland inscheept naar het Duitse waddeneiland Borkum, kun je om een uur of negen al op de Strandpromenade zijn. Je staat er dan overigens wel vrijwel alleen, want Borkum en zijn gasten slapen graag lang uit. Loop een strandtent binnen en met een beetje geluk hoor je ze in het keukentje de afwas van gisteravond doen.
Soms overvalt je het gevoel dat je niet verder hoeft. Eigenlijk ben je d'r, realiseer je je. Mooier dan dit wordt het niet. Dat is in diepste wezen het eilandgevoel. Ver weg van de grote-mensenwereld, teruggeworpen op lotgenoten. El Hierro is het ultieme eilandgevoel.
De naam St. Avit Rivière doet meer verwachten dan je er in werkelijkheid aantreft. De 'Rivière' is de Couze die ter plaatse amper een meter breed is. 'St. Avit' telt 73 inwoners, maar hier zijn ook de boerderijen in de buurt bij inbegrepen. Als bezienswaardigheid van het dorp heeft men op de site van de Commune St. Avit Rivière een picknickbank gefotografeerd.
Als de Blue Star Paros de 'krater' van Santorini binnenvaart, is het uitzicht met niets te vergelijken. Een paar honderd meter boven de zee balanceren de witte huisjes van Io en Fira op de smalle kraterrand.
KYTHERA (Griekenland) De grot van de Heilige Sophia
Er hangt een bordje Agia Sophia tegen de muur bij de ingang van het dorp Spilies. De blauwe pijl wijst naar links en het pad brengt ons in een klein half uur naar een nauwe kloof. Groen en schaduwrijk verborgen in het kale, stoffige landschap van het zuiden van Kythira. Soms stroomt er water. Niet nu, na een lange hete Griekse zomer.
Een Spaanse bar is altijd te klein. Er moet nu eenmaal altijd meer gebeuren dan op de beschikbare vierkante meters mogelijk is. Een bar in Spanje is méér dan een plek om te drinken. De bar is ook een huiskamer met een luide tv, een restaurant, een restaurantkeuken, een winkel en het voorraadmagazijn.
Van het oudste klooster van Lesbos is niet veel meer over dan wat muren, een paar stukken marmer en de sarcofaag van de Heilige Alexandros tegenover het nieuwe kapelletje. Je vindt de ruïne in een schapenweitje bij het dorp Lafiónas boven Petra en Molivos in het noordwesten van het eiland.
LA GOMERA (Canarische Eilanden) Een simpel rijtje stenen door het bos
Over een afstand van honderden meters loopt een kanaaltje door de laurierbossen van Las Creces. Het is hooguit twintig centimeter breed. Twee rijen stenen vormen de oevers, gevat in beton. Eens bracht het kanaaltje water uit de bergen naar het dal van Arure beneden. Het is al jaren niet meer in gebruik.
Hoe lesbisch is Lesbos? Regelmatig eisen de inwoners van Lesbos het bezittelijk voornaamwoord exclusief voor zichzelf op, maar buiten het eiland lijkt niemand daar erg van onder de indruk. Vast staat dan ook dat de relatie van Lesbos met de damesliefde meer dan 2500 jaar oud is. In het jaar 617 v.Chr. werd in het stadje Eréssos in het westen van Lesbos de dichteres Sappho geboren.
De plattegrond van Parijs die je in je hoofd heb, is niet één grote kaart, maar bestaat uit tientallen kleine stukjes. Je duikt ergens de grond in om enige tijd later verderop weer op te duiken. Hoe ver het van ons hotel bij de Boulevard de Picpus naar Montmartre is? Geen idee. Heb net met Google Earth uitgerekend het zo’n zeven kilometer is. De metro maakt afstanden irrelevant.
KEFALONIA (Griekenland) De twee kapiteins van Kefalonia
Toen we nog maar net met de veerboot Captain Aristides van Levkas vertrokken waren, begreep ik dat mijn voorbereiding op Kefalonia slecht geweest was. Twee echtparen hadden elkaar op het bovendek van de veerboot ontmoet en wisselden de plaatsen van 'Kapitein Corelli's mandoline' uit die ze gingen bezoeken. Ik had nauwelijks iets van Kapitein Corelli onthouden.
SKYROS (Griekenland) Twaalf kapelletjes in de bergen
U komt gaandeweg langs vele kapelletjes, elk met een eigen sfeer en decoratie. Neem gerust binnen een kijkje en steek in ruil voor wat kleingeld een kaarsje aan.'
Het was zaterdagmiddag op Skyros en dit was de twaalf-kapelletjesroute, volgens de kenners de mooiste wandeling op het eiland.
Als u het paradijs wilt zien, moet u snel zijn. Het grote blauwe bord vooraan in de vallei verraadt dat de Europese Unie 2,5 miljoen euro gaat steken in deze potentiële toeristentrekker. De nieuwe stenen plattegrond belooft al een bezoekerscentrum waar nu nog de brem bloeit.
De eerste keer op Skyros was ik dik een uur onderweg om in Skyros-stad te komen. Het was warm die middag en ik volgde vanaf de kust de smalle weg die me tegelijk met de auto's, de brommers en de muilezels in ruime slingers tegen de berg op omhoog bracht. Later kwamen we er achter dat je met de trappen in vijf minuten boven in de stad
Hoog vanaf zijn paard op het heetste hoekje van de Plaza Mayor van Trujillo lijkt Pizarro meewarig neer te kijken op ons die de schaduw van het terras van Hotel Nuria opzochten. Het kan ons niks schelen.
Dat het plaatsnaambord van Orgosolo met kogels werd doorzeefd, is niet zo bijzonder. Elk plaatsnaambord op Sardinië wordt als schietschijf gebruikt. Gaten die meer dan vuistdik waren, hadden we elders echter nog niet gezien. In Orgosolo is men kennelijk gewend grof geschut te gebruiken.
KEFALONIA (Griekenland) Voorjaarsbloemen in de basiliek
Boven het vissersdorp Fiskardo, helemaal in het noorden van Kefalonia, zie je twee lichtgrijze ruïnetorens boven het groen uitsteken. Het plaatselijke gidsje weet te vertellen dat daar op het Fournia-schiereiland de resten van een vroeg-christelijke basiliek en twee torens liggen.
Hoog boven Tinos-stad ligt het Kechrovouni-klooster. De dame aan de poort laat ons binnen als Erik en ik onze broek een beetje laten zakken. Henny had voor alle zekerheid een handdoek omgebonden. Cisca mag als enige zoals ze is onder ogen van de nonnen van Kechrovouni komen.
Een paar dagen geleden kwamen we deze buitengewoon vervelende landgenoot op Alonnisos voor het eerst tegen: een parmantig sikje aan de kin, een fototoestel voor de buik, een schoudertas voor de borst en een vrouw in het kielzog. Een landgenoot in wiens buurt je je gedeisd houdt terwijl je alles doet wat in de vermogen ligt om geen Nederlander te zijn, laat staan Nederlander te lijken.
Onderweg van Bilbao naar Burgos kwamen we er per ongeluk een keer terecht toen we geen zin hadden verder te gaan. Pancorbo heette de afslag van de Autovía del Norte. Er lag een dorp dat inderdaad zo heette. We stapten uit.
CORDOBA (Spanje) De palmen van de Mezguita Natuurlijk moet je de plekken waar alle toeristen komen, als het kan mijden. Ga in Córdaba echter in elk geval naar de Mezquita, de oude moskee van Córdoba. Elke reisgids vertelt hoe kalief Abderramán I in 784 met de bouw begon. Dat hij marmeren zuilen van Romeinse villa’s in de buurt gebruikte en die met rechthoekige blokken en twee rijen bogen liet ophogen.
LA GOMERA (Canarische Eilanden) De Vallei van de Grote Koning
In 1404 landde de Normandische edelman Jean de Bethencourt op La Gomera. Hij deed zijn Noormannen-afkomst alle eer aan. Binnen de kortste keren veroverde hij de Guanchenkoninkrijkjes op het eiland op één na. Halverwege de vijftiende eeuw was La Gomera eigendom van de Spaanse familie Peraza en werden honderden oorspronkelijke bewoners van het eiland als slaaf verkocht.
ROCAMADOUR (Dordogne) De wonderen van 'Roc Amadour'
De 'Roc Amadour' is 150 meter hoog. Wie met de auto komt, kan die het beste boven het stadje op de parkeerplaats zetten en langs het voetpad naar beneden lopen. Daarbij legt u de lijdensweg van Christus in omgekeerde volgorde af. Eerste sterft Jezus aan het kruis, dan wordt hij aan het kruis genageld en van zijn kleren beroofd.
ANDRITSINA (Griekenland) De verhulde tempel van Vasses
Het begint bij Andritsina als een smal en bedrieglijk bescheiden weggetje. Snel daarna wordt de weg ruim en breed en dan duurt het nog ongeveer vijftien kilometer voor je de tempel van Vasses bereikt. De toon is al spoedig gezet dankzij de grandioze vergezichten en een nagenoeg complete verlatenheid.
Het duurt even voor je het door hebt. De geluiden van Venetië zijn anders dan overal elders. Geen geluid van auto’s, motoren, scooters en brommers. Venetië is de allerstilste wereldstad. Zeker in december...
De eerste indrukken leken mijn bedenkingen te bevestigen. Allereerst de 40 graden Celsius die niet alleen in de lucht hing, maar ook van de muren en van de straat op je af kwam. Dan de stank van paardenpis en paardenstront dankzij de onafgebroken rij koetsjes. En dan natuurlijk de toeristen die elkaar met hun plattegronden zo ongeveer van de stoep afslaan. Hoezo: mooie stad?
ALTURA (Portugal) De fascinerende stilte van de Algarve
De stilte van de Algarve heeft iets fascinerends. Het is bijna oktober. Niet alleen in het binnenland van de Algarve heerst inmiddels de stilte. Altura, ons dorp aan de kust, oogt met de dag verlatener. Op de parkeerplaats installeren de eerste overwinteraars hun camper.
Toen we met onze dappere Fiat door de kuil reden, herinnerden we ons de tip van degene die ons deze kant had opgestuurd: 'Vlak voor Paliochora zit een soort sloot in de weg waar je de auto beter vóór kunt laten staan'. Paliochora, het Byzantijnse hoofdstadje van het eiland Kythira, is van een niet kapot te krijgen schoonheid.
De man in het hokje heeft meer belangstelling voor de twee mannen op het bankje naast hem (waar hij ruzie mee lijkt te maken) dan voor ons. Ons geldt slechts de mededeling dat we linksaf moeten beginnen en dat het terrein om vier uur dicht gaat.
ANTIPAROS (Griekenland) Niet verder vertellen s.v.p.
Wat voert een mens naar Antiparos? De afstand is het probleem niet. Op Paros is het tien minuten met de bus van Parikia naar Pounta en dan nog een kwartier met het pontje.
LA GOMERA (Canarische Eilanden) De akkertjes van de Valle Gran Rey
Sinds in 1384 de eerste Europeaan voet aan land zette op het Canarische eiland La Gomera, heeft de geschiedenis voor de Gomeros het nodige aan ellende en narigheid in petto gehad. Onderdrukking, moord en doodsslag, bittere armoede en niet zelden hongersnood.
Het stadje Osor ligt nog net op het eiland Cres op de plek waar een gammele draaibrug je naar buureiland Losinj brengt. Er wonen volgens de laatste opgave van de gemeente 70 mensen en dat moeten er in de hoogtijdagen misschien wel zo'n 20 duizend geweest zijn.
El Hierro (Canarische Eilanden) Strepen over het eiland
Sinds de dichter Bloem ons de vraag ‘Wat is natuur nog in dit land?’ stelde, weten we zeker dat we in Nederland geen ‘echte’ natuur meer hebben. Ik keek voor het eerst met Nederlandse ogen naar het landschap van El Hierro. Tot nu toe had het eiland zo ongerept geleken…
OLHAO (Portugal) Het bezoekerscentrum van Rio Formosa
De man bij de ingang van het bezoekerscentrum tekent achteloos een paar cirkels op het plattegrondje: de toiletten, het expositiegebouw, de getijdemolen. Door de kennel van de Portugese waterhonden komt een kruis. Die zijn er niet meer…
De man van de brommerverhuur had zijn zuster gebeld. Die bracht ons door de straatjes van Gajos naar een groot huis aan de rand van het dorp. Wij hadden onderdak op Paxos.
Nu ik er weer geweest ben, weet ik zeker dat het stadje Cres tot mijn favoriete plekjes aan de Kroatische kust hoort. Het haventje is tot de laatste plaats bezet met kleine bootjes. De huizen langs de kade hebben de mooiste kleuren. Daarachter staan de middeleeuwse wachttorens aan de rand van het stadje.
Ten zuidwesten van Cagliari ligt de oude handelsstad Nora. Tweeduizend jaar geleden was het de grootste en rijkste stad van Sardinië, halverwege Italië en Afrika. De Phoeniciërs vestigden zich er in de achtste eeuw voor Christus. In 238 v.Chr. vroeg men de Romeinen hen te helpen tegen de Carthagers. Sardinië werd deel van het Romeinse rijk, Nora een Romeinse stad.
LA PALMA (Canarische Eilanden) Voorbijgangers in Las Tricias
Het pad begint in Las Tricias en daalt snel. Onderaan zijn ons in de grotten van Buracas inscripties van de Guanchen beloofd. Graffiti uit de oertijd. Langs het pad bloeien alle bloemen. Hier en daar een huisje, de meeste zijn verlaten. Deze niet, hier woont de zilversmid.
Een van de mooiste stadsgidsen die ik ken, is de 'Gids voor Oud Antwerpen' van George van Cauwenbergh. Net als de stad zelf bevat het boek een tamelijk ongeorganiseerde verzameling belangrijke en onbelangrijke wetenswaardigheden. De eerste druk van de gids stamt uit 1973 en inmiddels beleefde het 450 pagina's tellende boekwerk maar liefst negen drukken.
Overal stroomt het water. Normaal is de bodem van het eiland kurk- en kurkdroog in deze tijd van het jaar. Het heeft de afgelopen septemberweken meer geregend dan de Sardijnen sinds jaren gewend zijn.
LA PALMA (Canarische Eilanden) De overtreffende trap van La Palma
Eigenlijk is La Palma één grote berg. Een paar miljoen jaar geleden ontstaan toen de oceaanbodem scheurde en de lava een berg vormde die na 4000 meter boven water uit kwam en vervolgens nog eens 2400 meter doorbouwde aan La Palma. De doorsnee van de krater van die oervulkaan, de Caldera de Taburiente, is zo’n tien kilometer. Getallen om van te duizelen.
Een wereldstad op een handvol eilandjes die bij het minste of geringste onder water lopen. Venetië ligt op een onmogelijke plek, maar de stad heeft er prima mee leren leven. Gucci verkoopt in de Calle XXll Marzo rubberlaarzen voor 170 euro om in stijl 'aqua alto' - hoog water - te trotseren.
Weer eens naar Parijs geweest. Het was jaren geleden. Al die tijd domweg niet aan toegekomen. Twee dagen door de stad gesjouwd. Langs de bekende plekjes als echte toeristen. Af en toe regent het. Bij de uitgang van elk metrostation kun je paraplu’s kopen. De Parijzenaars lopen nóg sneller dan anders.
Hoe maak je een goed museum? Het Museo Nacional de Arte Romano in Mérida (West-Spanje) bewijst dat je daarvoor op z’n minst aan twee voorwaarden moet voldoen. Je hebt conservatoren nodig die niet per se voortdurend álles willen laten zien. En je moet een architect zien te vinden die een collectie – letterlijk en figuurlijk – op zijn plaats kan zetten.
U mag de tunnel van Eupalinos boven het stadje Pythagorio ’s morgens bekijken voor vier euro per persoon. Herodotus rekende hem in zijn Historiën tot de belangrijkste bouwwerken van de Hellas. Tegenwoordig zie je dat er niet aan af. Het is ongeveer het enige archeologische monument in Griekenland waar de bezoeker niets uitgelegd krijgt. Of het moet het bordje bij de ingang zijn dat u moet uitkijken om uw hoofd niet te stoten…
Het Moni Vronta-klooster in het noorden van Samos is na de grote bosbranden van 2000 nog steeds voor bezoekers gesloten. De vuurzee sloot het oude klooster in en deed de muren letterlijk wankelen. Omdat kloosterbezoek tot de verplichte kost hoort bij een bezoek aan een Grieks eiland, behelpen we ons met het Moni Panagias Spilianis bij Pythagorio.
MONPAZIER (Dordogne) Een groene ster voor Monpazier
Op het terras van Hotel de France aan het Place de Cornières in afwachting van de groentesoep waar het Menu Suggestions (18,50 euro) mee begint. De zon schijnt nog op de arcaden aan de overkant van het plein en op de toren van de St-Dominique. In de boog boven ons voeren de zwaluwen hun onverzadigbare jongen.
Als de Noordster zich een vaarweg baant tussen de staken langs de geul van het haventje van Noordpolderzijl naar de Waddenzee is het middaguur al gepasseerd. We zijn met een man of twintig met een excursie van Staatsbosbeheer op weg naar Rottumeroog.
Er zijn dorpen en steden waar je tijd voor nodig hebt om tot ze door te dringen. Belvès in de Dordogne - een kilometer of dertig ten westen van Sarlat, aan de weg naar Monpazier - is daar een mooi voorbeeld van. Je rijdt een paar keer door Belvès, dan ga je op een goede dag een keer op het terras van het grote café aan het pleintje zitten om wat te drinken.
Waarschijnlijk kent u Bouillac niet. Het dorp - nou ja: de kerk, de school, de Mairie en een handvol huizen - ligt aan de smalle D26 van Belvès naar Beaumont. Vermoedelijk zegt het u nog steeds weinig… We zijn in de Dordogne-streek. We lopen een rondje in de buurt en komen dus weer 'ns door Bouillac.
LA PALMA (Canarische Eilanden) Dansen op de vulkaan
'Nog dichter bij de afgrond, nog dichter bij het vuur. En het wordt erger, erger met het uur', zingt Huub van der Lubbe in 'Dansen op de vulkaan'. Vuur is er allang niet meer in de krater San Antonio in het uiterste zuiden van La Palma. In de verte lopen zwarte, gestolde lavastromen steil de zee in. San Antonio is een dode vulkaan sinds 1677.
De kerk Ekatontapyliani is het oudste gebouw van Parikia, de hoofdstad van Paros. Bij de deur zit een zigeunerjongetje met een kartonnen doos voor zich. Een eindje verderop houdt moeder met een jonger broertje op de arm het bedelaartje in de gaten.
EL HIERRO (Canarische Eilanden) De steen van San Lorenzo
Sinds in de zomer van 2003 de tunnel door de rotswand Risco de Tibataje naar beneden geopend is, rijd je in een kwartier van Valverde naar El Golfo en kom je in een deel van El Hierro waar je vroeger niet hoefde te zijn. In Mocanal slaan we het weggetje naar Pozo de las Calcosas in.
Elke dag van het jaar is Sevilla de mooiste stad van de wereld. Bijna elke dag. Mijd Sevilla op Oudejaarsdag. U heeft er dan niets te zoeken. Niemand zit de laatste dag van het jaar op u te wachten in Sevilla.
MONTFERRAND (Dordogne) De koelte van de twaalfde eeuw
Aan de smalle D26 tussen Belvès en Beaumont ligt Montferrand-du-Périgord tegen de hellingen langs de oever van de Couze, een zijriviertje van de Dordogne dat hier eigenlijk nog geen naam mag hebben. Aan het eind van het dorp staat op een nauwelijks meer te lezen bordje ‘Eglise XII siècle piêtions 7 min’.
LA PALMA (Canarische Eilanden) De rustige zekerheid van Garafía
Elke keer op La Palma gaan we naar Garafía. Deze keer zijn we met z'n vieren naar het eiland gekomen, dus slepen we ook onze vrienden mee naar het stadje helemaal in het noordwesten. Wat is er mooi aan Garafía?
We staan voor de Duomo Santa Maria di Castello, de grote kathedrale kerk van Cagliari. Dertiende eeuw met een façade van licht marmer als de dom van Pisa, schrijft de reisgids er voor alle zekerheid bij. Wij staan met de rug naar de kerk en kijken over de muur de straatjes van de wijk Castello in.
LEVKAS (Griekenland) Het blauwste water van Porto Katsiki
Voor het eerst van ons leven op Levkas zijn we net gestopt om een foto van de brem te maken die als een gele schutting lang de weg staat. We staan met een man aan de kant van de weg te praten. Hij is aan het uitrusten van zijn werk op de wijngaard.
EL HIERRO (Canarische Eilanden) Leven met de vulkaan
In oktober 2011 was El Hierro enkele dagen wereldnieuws. Na duizenden kleine aardbevingen begon in de oceaan voor de kust een onderzeese vulkaanuitbarsting. Uit de nieuwe kraterbuis ontsnapten zwavel en kooldioxide. De Mar de Las Calmas deed zijn naam niet langer eer aan. Het zeewater borrelde als een jacuzzi. Af en toe schoten er lavastenen uit het water omhoog.
Turkije is vlakbij op Lesbos. Zelfs onder de douche zie ik de contouren van het Turkse vasteland. Eeuwenlang heersten de Turken in Griekenland. Hier op Lesbos van 1462 tot 1912.
'Thank heaven, no one takes any notice', schreef D.H. Lawrence in zijn Sea and Sardinia (1921). Hij noteerde het bij aankomst in de Sardijnse hoofdstad Cagliari. Een handjevol mannen met de handen in de zakken stond op de kade de komst van de kleine oude stoomboot uit Sicilië te negeren.
Een halve eeuw geleden noemde Henry Miller het stadje Sarlat ‘een droom waarmee de menselijke geest zich voedt’. Zijn Sarlat was een ander stadje dan wat je nu ziet. Het Sarlat van Miller was stoffig, muf en breekbaar. .
Bijna elke dag kijk ik even op internet hoe het in Stoupa is. Eigenlijk is er nooit iets. Behalve dat de zon schijnt in Stoupa, dat de temperatuur prima is en dat er voortdurend mensen voorbij de webcam op het dak van het reisbureau slenteren. Sommigen kijken even onze kant op. Elke dag even terug in Stoupa.
Even ten zuiden van Parákila aan de golf van Kalloní op Lesbos staat een eenzame minaret tussen de cipressen. De ruïne van de moskee ligt in een veld blauwe orchideeën. Een eeuw geleden lag hier een dorp. Het verdween met zijn inwoners.
VILA REAL (Portugal) De genadeloze meetlat van de markies
Op de rechteroever van de Guadiana ligt het Portugese grensstadje Vila Real de Santo António. Het werd in 1774 gebouwd door de markies de Pombal, voornamelijk om de Spanjaarden aan de overkant van de rivier te imponeren.
PAG (Kroatië) De weg over Pag
Tussen de grote krantenkoppen over bombardementen en bloedige gevechten aan het begin van de Balkanoorlog in 1991 zal het vrijwel niemand opgevallen zijn. Het was niet meer dan een klein berichtje dat vertelde dat de mortieren van de Serven vanuit de bergen de kustweg konden bestrijken en dat het doorgaande verkeer daarom koos voor zestig relatief veilige kilometers over het eiland Pag.
Ik heb op Hydra twee auto’s geteld: een vuilnisauto en een onbestemd vrachtautootje. Zelfs dat aantal lijkt aan de forse kant want je kunt er hooguit mee rond de haven rijden. Een stukje van niet meer dan een paar honderd meter. Het transport op het eiland wordt door de mens zelf verzorgd of – veel aantrekkelijker in de hitte van de steile straatjes – door de muilezel.
De meeste mensen die met vakantie naar Lesbos gaan, komen niet in de hoofdstad Mytilíni. Een vieze, drukke stad, vinden ze. Meer dan de helft van de 80 duizend inwoners van het eiland woont in de hoofdstad.
Waar de rivier Imbrasos vanuit de bergen in het zuidoosten van Samos in zee stroomde, wordt sinds mensenheugenis Hera vereerd. Hera, de oergodin, zuster en vrouw van Zeus. Hera, godin van huwelijk en kuisheid. Haar Heraion is een snikhete vlakte. Hier en daar zorgt een boom voor wat schaduw. Onder één zo'n boom - de Vitex agnus castus ofwel de kuisboom - moet Hera geboren zijn...
Avondzon op de haven van Patitiri. Ik tel 62 boten. De meest zijn kleine vissersbootjes, zoals je in een kleine Griekse haven verwacht. Verder een paar redelijk bescheiden jachten en aan de nieuwe steiger dobberen twee Flying Delphins. Een ervan bracht ons vier dagen geleden in vijf kwartier van Skiathos hier naar Alonnisos.